De uitwerking van het Integraal Zorgakkoord in onze regio: van pilots naar integraal programma zorgcoördinatie

07 november 2022

In de brief aan de Tweede Kamer schrijft minister Kuipers dat het ‘essentieel is dat kwalitatief goede acute zorg toegankelijk blijft voor iedere patiënt.’ Landelijke coördinatie kan de werkdruk van met name huisartsen en verpleegkundigen in het ziekenhuis verlichten. ‘Een huisarts kan bijvoorbeeld op een hele vrijdagmiddag bezig zijn om zorg te regelen voor een patiënt met acute klachten. Hetzelfde geldt voor een verpleegkundige die plek zoekt voor een patiënt die een bed bezet houdt maar elders kan revalideren.’ Maar er moet ook oog zijn voor het behoud van zorgmedewerkers en dat zij plezier en voldoening uit hun werk halen. Het belang van goede zorgcoördinatie wordt dus ook in Den Haag hoog ingeschat. Het is nu aan de regio’s om de landelijk geschetste lijn uit te werken in plannen en activiteiten voor een betere zorgcoördinatie.

Proeftuinen LPZ

Momenteel zijn ziekenhuizen hard aan het werk met het verder operationeel maken van het LPZ (Landelijk Platform Zorgcoördinatie). Bedoeling is dat eind dit jaar alle negen ziekenhuizen in onze regio hiervoor klaar zijn, zowel voor de spoedcomponent als voor het onderdeel beddencapaciteit. Daarnaast zijn in Groningen en Emmen al proeftuinen actief waarbij huisartsen toegang hebben tot het LPZ. Bedoeling is dat in goed overleg met huisartsen en SEH’s piekdrukte op de spoedeisende hulp zoveel mogelijk wordt voorkomen.

ROAZ Projectgroep Zorgcoördinatie

In het voorjaar organiseerde het ROAZ een netwerkbijeenkomst ‘Toekomstverkenning Acute Zorg’ met als doel het gezamenlijk werken aan het versterken en ontwikkelen van nieuwe initiatieven op het gebied van zorgcoördinatie. In september volgde het besluit door het ROAZ om een werkgroep zorgcoördinatie op te richten die regie voert over alle activiteiten. Onder aanvoering van Ton Tiebosch en Alfred Boskma zijn hierin alle relevante ROAZ-partners vertegenwoordigd, zowel op bestuurlijk niveau als wat betreft deelname van medewerkers uit organisaties. De projectgroep gaat nieuwe projecten starten op drie subthema’s: multidisciplinaire triage, capaciteit en regie op zorginzet. De lopende pilotprojecten zorgcoördinatie worden hier onderdeel van of worden afgebouwd.

Multidisciplinaire triage

Spoedvragen komen via meerdere ingangen het zorgsysteem binnen: 112-Meldkamer, huisarts/huisartsenpost, VVT-zorgcentrales en GGZ-spoed. Nauwe samenwerking en overleg bij triage tussen deze partijen dient te leiden tot beter passende zorg. Hoe deze multidisciplinaire triage het beste zou kunnen worden vormgegeven, is de centrale vraag bij dit subthema.

Het idee is te starten met een pilot met twee varianten: Een variant waarbij triagisten vanuit de diverse disciplines fysiek bij elkaar zitten om de drempel voor onderling overleg weg te nemen en een variant waarbij dergelijk overleg virtueel wordt gefaciliteerd. Doel is dat vlot adequate triage plaatsvindt en vervolgens gefundeerd een keuze kan worden gemaakt voor de best passende zorg. Betrokken zijn in eerste instantie RAV Groningen (MKANN), Doktersdienst Groningen, Lentis (GGZ) en TSN (met anderen). Bij succes gaan we de pilot kopiëren of opschalen naar andere plekken, de scope is uiteindelijk heel Noord-Nederland.

Capaciteit

Bij het thema capaciteit gaat het om zicht op capaciteit, integrale capaciteitsplanning en instroom in de VVT. De genoemde triage wordt door de triagist afgerond met een keuze voor een zorgpad of een bepaald type zorg. Een actueel beeld welke zorg op dat moment op welke plaats beschikbaar is, is noodzakelijk om ervoor te zorgen dat de zorgvrager die zorg ook daadwerkelijk en tijdig kan krijgen.

Voorstel is ook om te gaan experimenteren met integraal plannen, in eerste instantie tussen ziekenhuizen, VVT en RAV’s. Het idee daarbij is dat in goede afstemming tussen de betrokken partijen de wenselijke opvolgende zorg klaar staat op het moment dat die zorg nodig is. Neem bijvoorbeeld de geplande heupoperatie van een patiënt op hoge leeftijd waar in het zorgpad al is gegarandeerd dat de zorgambulance beschikbaar is voor de overplaatsing van het ziekenhuis naar een geriatrische revalidatie-instelling waar het revalidatiebed dan al gereed staat.

Er zullen pilots worden opgezet waarbij het doel is te komen tot een capaciteitsdashboard dat de triagist van een actueel beeld voorziet van de op dat moment beschikbare capaciteit in de ziekenhuizen, in de VVT, in de GGZ en wat betreft zorgambulances. Voorbeelden voor het werken op deze manier zijn er al in de regio Zwolle en Utrecht. Er volgt een data-analyse van eerder gemonitorde ingangsklachten om te kijken of al niet eerder het directe pad naar bijvoorbeeld wijkverpleging, thuiszorg of GGZ had kunnen worden gekozen. Het ROAZ besluit in december over het opgestelde Plan van Aanpak.

Regie op vervolgzorg

Met de keuze door een triagist voor een bepaald type zorg bij een bepaalde zorgaanbieder is die zorg nog niet geregeld. Zeker niet in tijden van (personeels)schaarste en daarmee druk op het zorgsysteem. Met een vorm van regie op vervolgzorg kunnen we borgen dat de zorgvrager de beoogde zorg ook daadwerkelijk ontvangt. Tijdens de Covid-pandemie is hier met de samenwerking op het gebied van capaciteit en het RCPS/LCPS al ervaring mee opgedaan.

Voorgesteld is om begin 2023 te starten met een verkenning welke eisen aan een dergelijke regiefunctie zouden moeten worden gesteld, hoe een dergelijke regiefunctie zou kunnen worden ingevuld en onder welke omstandigheden en op welke schaal die regie wenselijk of nodig is.

Deel dit nieuwsbericht

Terug naar overzicht