Pilot multidisciplinaire triage in Friesland goed van start

19 juli 2023

Het doel is duidelijk: snel passende zorg kunnen bieden met zo weinig mogelijk onnodige belasting van het acute zorgnetwerk. Triagisten met kennis van de verschillende disciplines coördineren de beste vervolgroute voor een zorgvraag.

Robin Hagenauw, projectleider bij AZNN, vertelt: “We zijn nu een paar weekenden bezig met de pilot en wat je ziet is dat het effect heeft als je de juiste mensen bij elkaar zet. Al in het eerste weekend werden vijf zorgvragen door de triagisten direct doorverwezen naar de wijkverpleging. Hier hoefde dus geen huisarts meer bij de patiënt langs, wat direct leidt tot ontlasting van de drukbezette huisarts.”

Ander direct voordeel van een gezamenlijke triage is de onderlinge samenwerking. Robin: “Je hebt korte lijnen en bent continu met elkaar in gesprek en daardoor leer je meer van elkaars werkzaamheden. We registreren gezamenlijk hoe de diensten zijn gegaan en dat geeft ons leerinformatie voor de volgende keer. Dat kweekt begrip maar zorgt ook voor samen nadenken over hoe dingen beter, gestroomlijnder kunnen. De bijvangst noemen we dat in de projectgroep.”

Tijdens de pilot gaan de organisaties onderzoeken wat de effecten kunnen zijn van multidisciplinaire triage in Friesland en hoe je dat in de regio het beste kunt organiseren. Het project loopt hiermee vooruit op de plannen vanuit het IZA om vanaf 2025 in heel het land regionale zorgcoördinatie centra (zcc’s) op te zetten die moeten zorgen voor betere coördinatie van de acute zorg.

De kleinschalige pilot is een vervolg op lopende pilots in Friesland op het gebied van ‘kansrijke ingangsklachten’. Hierbij ging het om zorgvragen die direct door de wijkverpleging/thuiszorg zouden kunnen worden opgepakt zonder bezoek van de huisarts. Katheterzorg is hiervan het meest bekende voorbeeld.

Deelnemers aan de pilot zijn triagisten van de Dokterswacht Friesland (DWF) en Zorgcentrale /VVT via de (al bestaande) ketenlijn met daarbij (virtuele) aanhaking van de GGZ en Meldkamer (MKA). De uitgewerkte kansrijke ingangsklachten worden meegenomen maar er wordt ook gekeken naar bredere zorgvragen die kunnen bijdragen aan de verlaging van onnodige druk op de acute zorg.

Johanna Rinsma, manager zorgbeleid en gespecialiseerde verpleging bij Thuiszorg Het Friese Land, noemt twee praktische voorbeelden uit de eerste weken.

“Er kwam een telefoontje bij de dokterswacht binnen van een verzorgende, de patiënt waar het om ging had pijn in de lies. De huisarts was daar eerder al geweest, maar de situatie was niet veranderd. Alleen had de patiënt nog steeds veel pijn en kon niet op tijd bij het toilet komen. Er is door de zorgcentralist contact opgenomen met deze verzorgende en advies gegeven. Het was niet nodig om de dokterswacht naar deze patiëntsituatie toe te sturen.

Ander voorbeeld: Op de spoedlijn dokterswacht kwam een telefoontje binnen dat niet voor de spoedlijn was, over katheterzorg. Deze patiënt had veel pijn. Omdat deze zorgvraag op de spoedlijn binnen kwam zou deze daarna onderin de wachtrij komen van de ‘gewone’ dokterswacht. Nu gaf de triagist van de dokterswacht deze casus door aan de zorgcentralist. De zorgcentralist heeft contact opgenomen met deze patiënt en katheterzorg ingezet. Voordeel, eerder katheterzorg!”

Afia Tutuhatunewa van Dokterswacht Friesland vertelt hoe de pilot er in de praktijk uit zal gaan zien.

“De bedoeling is dat er uiteindelijk eenduidig getrieerd gaat worden. Nu heeft iedere organisatie nog een eigen triage, dat moet in de nieuwe opzet efficiënter worden uitgevoerd. Om de triage voor de betreffende organisaties te kunnen uitvoeren, zal wellicht aanvullende scholing noodzakelijk zijn. Welk systeem de nieuwe werkwijze gaat ondersteunen is nog een te ontwikkelen onderdeel.”

De eerste stap is meer met de wijkverpleging samenwerken, aldus Afia. “Dat gaat dan niet alleen om het doorzetten van een kathetervraag, maar je écht afvragen of iets thuiszorg of huisartsenzorg is. We hebben al wat kunnen oefenen, toen was het misschien nog vrijblijvend, nu is het een verplichting. Niet alle calls vragen om huisartsenzorg, net zoals niet alles thuiszorg is. Om dat goed te kunnen inschatten, gaat het vooral om leren van elkaars werkgebieden. Wat doen zij, wat kúnnen zij. De huisarts vraagt nadrukkelijk om verlaging van de werkdruk, dus laten we niet altijd en overal een huisarts inzetten. Overleg met thuiszorgcollega’s, stel vragen, word nieuwsgierig naar elkaars werkveld; dat is waar het om gaat.”

De pilot is nu enkele weken aan de gang en de eerste ervaringen zijn dus zeer positief. We houden je op de hoogte van het vervolg!

Deel dit nieuwsbericht

Terug naar overzicht